Je
ontdekt en ervaart wat betekenisvol omgaan met
het onderwerp De Tweede Wereldoorlog kan zijn,
dat ervaren doe je trouwens niet alleen
figuurlijk, maar soms ook zeer letterlijk. Het
gaat daarbij om kennis en didactiek, maar vooral
ook om ervaring, beleving, opinievorming en
reflectie: je persoonlijke ontwikkeling.
Bezoeken aan- en workshops in
herinneringscentra;
internering/concentratiekampen in binnen en
buitenland, zijn in de minor prominente
onderdelen om leerdoelen en leerproces te
realiseren.
Aan
bod komen naast algemene kennisaspecten
ondermeer : De Tweede Wereldorlog in
jeugdliteratuur en strips, literatuur,
ICT-toepassingen, video en speelfilm. Voor het
werken aan producten hierin staan 5 EC. Een
belangrijk element in de Minor is het bezoeken
van- en de confrontatie met voormalig
internering– concentratiekampen. Hier is meer
sprake van werken aan een persoonlijk proces.
Daar staan 20 EC voor. Producten en proces komen
samen in een portfolio; een showcase. De Minor
wordt afgerond met de presentatie van het
portfolio. Hier staan 5 EC voor.
Inhoudelijk is er ook nadrukkelijk een
doorgetrokken lijn naar het (recente) heden: hoe
kon in Rwanda sprake zijn een tweede Srebrenica,
waarom trekken we ons zo weinig aan van de
toestand in Darfur ? Eigenlijk is de Minor dan
ook niet zozeer gericht op het verwerven van
alleen (feiten)kennis, maar meer op het
verkrijgen van (psychologische) inzichten.
Ervaren, beleven en opinievorming zijn daarin
sleutelbegrippen.
Die
"doorgetrokken lijn" loopt samen met een andere
lijn, een "didactische lijn". De presentatie, de
manier waarop onderwerpen worden aangeboden, is
bepalend voor het effect en leerrendement. Dat
is bij voorkeur geen zakelijke, klinische
benadering gericht op het louter cognitieve. Het
spreekt vanzelf dat daarbij de grenzen van het
klaslokaal letterlijk en figuuurlijk worden
overschreden. Dit geldt voor alle niveau's van
onderwijs.